dinsdag 2 juni 2026

9 juni Victoria - Goldstream

We zijn nog steeds vroeg wakker, al ruim voor zeven uur. Vroeg er uit komen heeft echter weinig nut, want voor het ontbijt kunnen we toch niet eerder dan acht uur terecht. Het hotel serveert overigens niet zelf een ontbijt, maar in het hotel zit wel een 'Floyds  Diner,' die volgens hun eigen site vanaf acht uur open gaat. 

Als we ons er stipt om acht uur melden, blijken er echter al wat mensen te ontbijten. "Ja, het staat fout op de site. We gaan al om zeven uur open. We krijgen het niet aangepast op Google" zegt de serveerster. Ja, ja, geef Google maar de schuld dat het fout op hun eigen site staat. Het restaurant heeft een vijftiger-zestiger jaren uitstraling met foto's van bekende mensen uit die tijd zoals James Dean, Audrey Hepburn en de Beatles. Er hangt ook een bordje met de tekst 'I just realized that a lot of people don't like holding hands in public, especially if they don't know you'. Ik vind dat grappig maar Marianne vindt het maar zo, zo.


Eén van de filmsterren uit de vijftiger jaren

Als de serveerster even later onze bestelling opneemt - de eggs sunny side op; we maken er een vrolijke dag van - zegt ze "Sounds good te me". We horen het haar tegen alle andere klanten ook zeggen. Blijkbaar de Canadese variant van "Helemaal goed" wat je altijd in Nederland hoort bij het opnemen van bestellingen. Het is een populaire plek om te ontbijten en al snel zijn alle tafeltjes bezet en moeten mensen wachten. Tja, dan moet je ook maar om acht uur of eerder komen. Ik moet zeggen dat alles prima smaakt. (Voor het niet opgegeten deel van mijn pancake vragen we zelfs een doggy bag.) 

Na het uitchecken laten we de auto bij het hotel staan en lopen we nog even Victoria in. Het is niet alleen droog maar er breekt ook een zonnetje door. Dat is mooi. We lopen naar het oude centrum waar we even kort Chinatown bekijken. Volgens 'bronnen' schijnt het hier een mooie Chinatown te zijn, maar heel erg onder de indruk zijn we niet.




Op de weg terug naar het hotel zien we een grote outdoor-zaak, iets met Moutain in hun naam, maar op mijn leeftijd kan ik niet alles meer onthouden, laat staan de naam van een winkel (edit; het was MEC, oftewel Mountain Equipment Company). We kopen er een propaangasfles voor ons brandertje en wat spul dat muggen en een hele lading andere beestjes dient te verjagen. Bij een modewinkel ziet Marianne in de etalage een shawl hangen met schaapjes en schaapshonden erop die ze wel mooi vindt. Ze aarzelt of ze hem zal kopen, maar laat zich door de verkoopster en door mode-expert Martin overhalen om hem te kopen. 

Dan zit ons bezoek aan Victoria er op en lopen we terug richting het hotel. Als we bij de haven zijn, voel ik opeens een pijnscheut in mijn linkerenkel. Nee hè, daar heb ik al eens eerder wat last van gehad. Ik word echt een oude man! Ik heb nu zowel last van mijn rechterknie als van mijn linkerenkel. Het is vervelend, maar gelukkig kan ik er wel mee lopen en bij lange wandelingen gebruik ik altijd mijn wandelstokken. ("Toen geen mens meer met een stok wilde lopen uit angst voor oud te worden versleten, verzonnen de stokkenfabrikanten een list: twéé stokken. De rage van het nordic walking" aldus Midas Dekker

Bij het hotel halen we de auto op. Hij ziet er nou nog netjes ingepakt uit. Waarschijnlijk wel één van de laatste keren dat dit zo is.

Met hulp van de gratis app 'Here we go'- de app werkt offline mits je de kaarten hebt gedownload - rijden we Victoria uit. Als eerste rijden we naar de Fisgard Lighthouse, de oudste vuurtoren van de westkust van Canada. Deze vuurtoren ligt op zo'n twintig minuten rijden van Victoria. Ze ligt aan de kust - altijd handig voor een vuurtoren - en vormt samen met Fort Rodd, een oud militair complex uit de 19e eeuw, één gemeenschappelijke 'historic site'

Je betaalt toegang voor het gehele complex, maar daarvoor krijg je wel op bepaalde plaatsen voorlichting van historisch verklede figuren. (Die historische figuren zien we overigens pas als die ergens heen lopen voor hun lunch.) De militaire dingen interesseren ons niet zo en die laten die grotendeels aan ons voorbij gaan. 


Wij komen voor de vuurtoren. Het is er weer eentje voor onze serie vuurtorens. Heel mooi om te zien is deze vuurtoren eigenlijk niet, maar hij is historisch gezien wel interessant. 


De oudste van West-Canada. Je mag er ook in, maar de toren beklimmen mag niet. Al met al hebben we het na een half uurtje hier wel gezien en rijden we naar onze tweede 'excursiepunt' van de dag: het East Sooke Regional Park. 

Vanuit het strand daar heb je een mooi uitzicht op het water tussen Vancouver Island en het Olympic National Park in Amerika, dat aan de overkant ligt. Om bij het strand te komen moet je eerst nog een stuk langs bloeiende planten in een soort weide lopen. 



Twintig jaar geleden hebben we dit water ook bekeken, maar toen vanaf de Amerikaanse kant. Was dat al in 2006? Jeetje, dat is lang geleden. We staan nu aan de Canadese kant en kijken dus uit op de Amerikaanse kant waar we in 2006 stonden.

Wij zijn hier aan de oever van een machtige rivier
De andere oever is daarginds, en deze hier is hier
De oever waar we niet zijn, noemen wij de overkant
Die wordt dan deze kant, zodra we daar zijn aangeland
En dit heet dan de overkant, onthoudt u dat dus goed
Want dat is van belang voor als u oversteken moet



Links houdt Amerika op en rechts begint de Grote Oceaan ook wel Stille Oceaan genaamd.

Op het strand loopt een Canadees gezin, waarmee we in gesprek raken: een oma, twee kleine kleinkinderen ('kleine kleinkinderen' lijkt dubbelop, maar het ene woordje klein heeft hier een andere betekenis dan het andere woordje klein)  en haar schoonzoon, de vader van de kinderen. Het is een internationaal gezin. Zij is geëmigreerd vanuit Nieuw Zeeland, haar echtgenote was op 19-jarige leeftijd uit Oost-Duitsland gevlucht en de schoonzoon is afkomstig uit Turkije. Deze laatste wil weten hoe we in Nederland tegen Trump aankijken - nou, niet zo positief dus. Hij blijkt zich heel erg voor de wereldpolitiek te interesseren en is van mening dat de mensen veel meer met elkaar moeten praten; de Turken met de Armeniërs; de Joden met de Palestijnen enzovoorts, enzovoorts. Daar heeft hij helemaal gelijk in. Het is bijzonder interessant iemand, deze in Canada wonende geëmigreerde man uit Turkije. Hij kent zelfs de naam Geert Wilders. Na een half uurtje - 'Nice talking to you' - nemen we afscheid en maken we nog wat foto's van het in de verte zichtbare Amerika.

Daarna rijden we naar de Goldstream Campground, zo'n 20 km boven Victoria. Daar hebben we voor twee nachten gereserveerd. Gezien het weer van gisteren hebben we er gisterenavond zelfs nog even aan gedacht om te annuleren, maar omdat het weer opgeklaard is, is dat gelukkig niet nodig. Aangekomen op ons plekje, nummer 56, zetten we de tent op. 




Het komt er op deze foto's niet zo uit, maar ik had ook een belangrijke rol bij het opzetten van de tent. De tent vormt overigens een mooie kleurencombinatie met onze auto en met ons kampeerbestek.


Vervolgens rijden we naar de Walmart in Langford, waar we onder andere eten voor vanavond en morgen kopen en wat andere nuttige dingen. Na het eten - een kant en klare 'Tucsan Chickpea salad; we hebben geen zin om iets warms te maken op ons brandertje - maken we nog een wandeling naar de Goldstream waterval die vlakbij de campground ligt. We beginnen de wandeling bij een trailpunt dat zo halverwege de campground ligt. Het is een mooie maar wel enigszins vermoeiende wandeling, veel op en neer. De natuur is hier schitterend. Veel grote bomen. Het lijkt wel een regenwoud met veel varens en grote slierten mos aan de bomen. Mos aan de boom is overigens altijd een teken van gezonde lucht.

 

  


Na drie kwartier lopen bereiken we de waterval. Hier moeten we nog heel wat treden naar beneden lopen om bij de waterval te komen, maar de beloning is er naar. Het is weliswaar een kleine waterval maar het is wel een erg mooie waterval.



Als we de trappen weer omhoog gelopen zijn - pffff - kunnen we op twee manieren terug naar de campground.

Terug langs de op de heenweg afgelegde route of via een ander pad. 


We nemen die laatste en wat blijkt, na dertig meter staan we alweer op de campground! Dertig meter! Wat?? En wij hebben al die moeite gedaan om er te komen! Het doet me denken aan die reclame waarbij wat mensen met heel veel moeite een berg beklimmen en als ze dan boven komen, staan daar wat toeristen te kijken die daar gewoon met de auto zijn heen gereden. 'Het most niet magge', zoals wij vroeger in Twente zeiden.

Enfin, tegen een uur of negen vinden we het koud worden en duiken we onze tent in. Morgen een drukke dag. Met mijn zielige knie - herstel ik ben zielig - kost het wat moeite om in de slaapzak te komen. Als ik eindelijk lig, zegt Marianne "Zou je de tent niet eens dichtritsen? "

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

7 juni naar Vancouver

Inleiding Er staat dat dit de pagina van 7 juni is, maar ik schrijf dit al op 6 juni. Ik ben gewoon mijn tijd weer eens vooruit. Het is vand...